Das&Boom

 

 

 

 

Van Vereniging naar Stichting

logo Das&BoomDe vereniging Das en Boom is in 1981 opgericht. Op haar initiatief heeft de rijksoverheid een beschermingsplan opgesteld om de das voor uitsterven te behoeden.
De werkzaamheden van Das&Boom hebben er toe geleid, dat de dassenstand van 1200 dieren in 1980 is gegroeid tot zo’n 4500 in 2006.

In 2006, het jubileumjaar van de vereniging, werden de statuten aangepast; de Vereniging Das&Boom werd de Vereniging Nederlands Cultuurlandschap.

Om de behaalde successen met de das te bewaken werd de Stichting Das&Boom, Opvang en Advies in het leven geroepen.
Deze stichting geeft adviezen over dassen in de breedste zin van het woord. Dassenburchten, dassentunnels en dassenvoorzieningen worden steekproefsgewijs gecontroleerd (gemonitord) en er worden gevraagd en ongevraagd adviezen gegeven aan overheden, organisaties en particulieren.
Ook vangt de Stichting hulpbehoevende dassen en verweesde jonge dassen op.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Van 1200 naar 4500 dassen

De strijd tegen het uitsterven van de das in Nederland werd op drie fronten gestreden:

 

link naar de ontwikkeling van de dassenpopulatie

 

 

 

 

Huidige verspreiding van de das

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De korenwolf

de korenwolfMede op aandrang van de leden van Das&Boom werd de bescherming van andere bedreigde diersoorten in de statuten opgenomen.
In 1994 wees een hamsterinventarisatie uit, dat het slecht gesteld was met de wilde hamsterpopulatie in Nederland. De ernst van de situatie werd jarenlang gebagatelliseerd, maar volgens Das&Boom balanceerde dit diertje op het randje van uitsterven. De minister van Landbouw en Visserij werd gewezen op zijn internationale verplichtingen jegens de hamster.
Met de ervaringen van de gang van zaken rond de otter in het achterhoofd, organiseerde Das&Boom in 1999 een ‘hamsterwake’ met bekende Nederlanders. Deze actie haalde alle journaals en kranten. Na druk van kamerleden en de dreiging van een kort geding bij de Europese Commissie ging de staatssecretaris van LNV overstag. Er kwam een hamsterbeschermingsplan voor de periode 2000 tot 2004.
Gezien de nationale en internationale verplichten, die de Nederlandse overheid had, was er geen andere keus dan een fokprogramma te starten met de laatste in het wild levende hamsters.
Das&Boom en diergaarde Blijdorp namen de fok voor hun rekening en de staatssecretaris nam de verplichting op zich elf hamsterreservaten aan te kopen en in te richten, compleet met bijbehorende verbindingszones.

Helaas werden door de overheid gemaakte afspraken telkens weer niet nagekomen. In 2004 waren er slechts twee van de beloofde elf reservaten gereed en was er geen enkele verbindingszone. Het fokprogramma verliep wel volgens plan.
De overheid beloofde beterschap, maar nadat afspraken weer niet werden nagekomen besloot Das&Boom de medewerking aan het fokprogramma te beëindigen. Kort daarvoor had Das&Boom al alle beleidsmatige beïnvloeding omtrent de hamster stopgezet.
Nu, jaren later, leven in Limburg hier en daar weer korenwolven, allemaal nazaten van het fokprogramma.

 

 

 

 

 

Bescherming van andere marterachtigen

Ook de bescherming van andere marterachtigen stond in de doelstelling van de vereniging. In de tweede helft van de jaren tachtig luidde Das&Boom de noodklok over het aanstaande uitsterven van de otter. otterDeze inzichten werden niet gedeeld door andere organisaties, die zich met de otter bezig hielden. Twee jaar later echter moest de minister de Tweede Kamer uitleggen, waarom er pas een beschermingsplan kwam voor de otter, nadat die was uitgestorven.

Onderscheidingen voor Das&Boom

De strijd van Das&Boom voor de das en andere bedreigde diersoorten is haar niet door iedereen in dank afgenomen; dassenbelangen botsen nu eenmaal regelmatig met mensenbelangen.
Toch heeft Das&Boom veel waardering gekregen voor haar werk.

Das&Boom is drie maal onderscheiden:

In 1988 kreeg Das&Boom de Heimans & Thijsse-prijs,

in 1995 de Anjerfondsbokaal

 

 

Bokaal 1995
Laureaat: Das&Boom
Ontwerp bokaal:
Gonne Bodekke Evers

 

 


en in 2000 de Prins Bernhard Cultuurfondsprijs voor Natuurbehoud.

Citaat uit het juryrapport van de Prins Bernard Prijs

´Das&Boom mag met recht en reden een luis in de pels van het groene poldermodel worden genoemd. Dat is te danken aan een uitgekiende strategie waarmee zij vooral de laatste jaren aanzienlijke invloed op het nationale natuurbeleid heeft weten uit te oefenen. Een niet geringe prestatie, zeker omdat Das&Boom tot de kleinere natuurorganisaties van Nederland behoort. Door de strijdbaarheid waarmee de vereniging opkomt voor bedreigde diersoorten, vervult zij een voorhoedefunctie binnen de natuur- en milieubeweging. Die is in het algemeen steeds sterker geneigd zich aan de overlegtafel te schikken in compromissen met overheden en bedrijfsleven. Vanuit de principiële overtuiging dat de in Nederland nog steeds verarmende natuur niet gebaat is bij gemarchandeer, bindt Das&Boom veelvuldig de juridische strijd aan met de economische krachten.´

De boommarter is nog steeds een bedreigde diersoort. Das&Boom heeft de afgelopen jaren jonge boommarters grootgebracht en in samenwerking met o.a. de Werkgroep Boommarters Nederland weer uitgezet.boommarter

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

A73 Zuid

 

 

 

 

 

Vanaf haar oprichting in 1981 heeft Das&Boom gestreden tegen de aanleg van de A73 tussen Venlo en Roermond op de oostoever van de Maas.
Die oostoever is één van de best beschermde gebieden van Nederland.
Hier een snelweg aanleggen zou volgens nationale en internationale wetgeving eenvoudigweg niet mogen.

Centraal stond de vraag aan welke zijde van de Maas de autosnelweg zou moeten worden aangelegd. Reeds in de beginfase had Das&Boom het initiatief genomen om met landelijk, regionale en lokale natuur- en milieuorganisaties een coalitie te smeden tegen de aanleg van de A73 zuid op de oostoever van de Maas en tegelijkertijd te pleiten voor aanleg van deze weg op de westoever. Ook de ANWB sloot zich bij deze coalitie aan.

In 1985 neemt de minister van Verkeer en Waterstaat een eerste tracébesluit voor de A73 zuid op de oostoever. Samen met de Stichting Natuur en Milieu tekende Das&Boom bezwaar aan tegen dit besluit, mede omdat er geen Milieu Effectreportage (MER) was opgesteld.

Op advies van de landsadvocaat en onder druk van de Europese Commissie wordt dit besluit in 1992 ingetrokken.
Er kwam alsnog een MER procedure, waarin drie varianten werden beoordeeld. De conclusie was helder, van de drie autosnelwegvarianten bleken de twee op de westoever beter te scoren dan de ene op de westoever.

Op basis van dit rapport maakt het kabinet in 1995 een onderbouwde keuze voor de aanleg van de A73 op de westoever.
Onder druk van een lobby van het Limburgse bedrijfsleven kwam de Tweede Kamer hier meteen tegen in het geweer, waarna met één stem verschil het besluit werd teruggedraaid. Zonder enige noemswaardige onderbouwing wordt alsnog besloten voor de aanleg op de oostoever van de Maas.
Het (nieuwe) tracébesluit kan vervolgens worden uitgewerkt in bestemmingsplannen van de daarbij betrokken gemeenten.

In 2001 dringt de coalitie van natuur- en milieuorganisaties opnieuw tevergeefs aan op aanleg op de westoever om zo natuurwaarden op de oostoever te ontzien.
Ten behoeve van de uitwerking van het tracébesluit vraagt de minister van Verkeer en Waterstaat met spoed een algemene ontheffing aan voor alle bedreigde dieren en planten die door ‘haar’A73 zouden worden aangetast. De staatssecretaris voor Natuur zag door de jurisprudentie over de hamster geen mogelijkheden daartoe.

De aanleg van de A73 zuid liep ernstig gevaar. Rijkswaterstaat zet vervolgens alles op alles om de A73 alsnog te realiseren op de oostoever van de Maas, dwars door strengbeschermde natuurgebieden boordevol beschermde dieren en planten.
Ze vond de Europese regelgeving nu dwars op haar weg en Das&Boom en de Stichting Natuur en Milieu startten juridische procedures.

Vervolgens probeert Rijkswaterstaat door een nieuwe MER aan te tonen dat de keuze voor oost of west voor de natuur niets uit zou maken. De poging mislukt; aanleg op de oostoever blijkt veel meer natuur aan te tasten (die ook nog eens wettelijk beschermd is) dan een tracé op de westoever. Er kwam een update van de nieuwe MER, ook die miste doel, en werd opgevolgd door een ‘review van de update’. De Raad van State geeft geen krimp.

Dan gooit Rijkswaterstaat het over een andere boeg. Rijkswaterstaat probeert de west variant (die ze ooit zelf ontwikkeld hebben) als ‘niet-uitvoerbaar’ te bestempelen. Door de klimaatsverandering zou de Maas in de nabije toekomst zo onstuimig worden, dat een snelweg op de westoever niet langer haalbaar zou zijn.

Ondertussen komt met name Das&Boom sterk onder vuur te liggen; Limburgse bestuurders beschuldigen Das&Boom in de pers openlijk van het moedwillig vertragen van de aanleg van de A73, met onschuldige verkeersdoden als gevolg. De haatmails beginnen onverkwikkelijke vormen aan te nemen.

Ondertussen wordt door de pers uit het dossier van 88 bedreigde diersoorten en 144 bedreigde plantsoorten één diersoort in de schijnwerpers geplaatst: de zeggenkorfslak. Dit nog geen twee millimeter grote diertje wordt pontificaal tegenover de asfaltmachines geplaatst.zeggekorfslak
Pandaberen en walvissen beschermen, oké, maar een slakje?!. Het moet niet gekker worden…

Uiteindelijk houdt de Raad van State de rug niet recht en oordeelt niet op basis van juridisch gronden maar op basis van politieke overwegingen. Dit bevestigt wat eigenlijk al duidelijk was. Bescherming van natuur en landschap bestaat alleen op papier.
Voor Das&Boom was deze kwestie een halszaak. Als het in ons land niet eens lukt om de weg aan te leggen daar waar hij de minste schade aanricht, wat is natuurbehoud in Nederland dan nog waard?'
Het is voor Das&Boom de aanleiding om haar beleid te veranderen en in het vervolg af te zien van het indienen van bezwaarschriften en het voeren van procedures.

De A73 mocht worden aangelegd, weliswaar onder honderden voorwaarden en met plechtige garanties dat de natuur zoveel mogelijk zou worden gespaard of gecompenseerd…

A73